Ghijsbrechte Heystec cordewagencruyder koopt Den Grooten Anker

Fred Heistek 1 november 2026

De Heijstekstamboom laten we nog steeds beginnen bij Lodewijk Heijstek waarvan we weten dat hij in Bergeijk heeft gewoond en is vastgesteld dat hij in het jaar 1570 verfbleef in het dorpje Uitwijk. Vanzelfsprekend heeft hij ouders gehad, maar hun namen hebben we tot nu niet kunnen achterhalen. Had Lodewijk broers en/of ooms? Wellicht, maar ook dat is nog niet aangetoond.

Wie waren de voorouders van Lodewijk Heijstek?

Van Piet Heistek (Zaanstad) weten we dat hij decennialang opzoek is naar voorouders van Lodewijk, althans naar naamgenoten die voor het jaar 1570 hebben geleefd. Intussen heeft hij een groot bestand kunnen aanleggen met documenten waarin onze familienaam (in verschillende spellingsvormen) voorkomt. Niet onbelangrijk is te vermelden dat niet alleen familienamen in wisselende spellingen voorkomen, maar dat het ook geldt voor voornamen. De uitdaging voor Piet is om enerzijds die personen aan elkaar te koppelen en anderzijds die aan Lodewijk Heijstek te koppelen. Zover is het nog niet gekomen. Piet Heistek heeft wel gedachten over wie er aan elkaar zijn verwant, maar genealogen die hun vrijetijdsbesteding serieus nemen, willen altijd bewijzen zien. Die ontbreken nog waardoor de gevonden namen (nog) niet aan de Heijstek-stamboom worden gekoppeld. Vooralsnog heeft Piet deze puzzel nog niet kunnen oplossen.

In 2025 publiceerden we dat Piet Heijstek in het Belgische Felix-Archief op naamgenoten was gestuit. Klik hier om die publicatie te lezen. In deze publicatie is vermeld dat Ghijsel Heystek zijn woning met de fraaie naam “den Groote Ancker” in het jaar 1470 heeft verkocht.

Uit een nieuw gevonden document blijkt dat Ghijsel (Ghijsbrechte) Heystek (Heystec) samen met zijn echtgenote Heilijgen Wiericx dat pand in het jaar 1465 heeft gekocht. Het huis staat aan de (Hout)meer, later genoemd “Meir”, een naam die nog steeds in Antwerpen voorkomt.

De vorige eigenaren waren Adriaen Smit, (huidenvetter) en zijn echtgenote Laurette Snoeys. De koop omvatte een huis met achterkamers, de helft van de doorgang, een derde deel van de waterput en de bijbehorende hof en grond. Het huis droeg de naam Den Grooten Anker. Aan de oostzijde grensde het aan het huis De Duive, eigendom van Henrick De Bisscop. Dat huis had Henrick kort daarvoor van Adriaen Smit gekocht. Aan de andere zijde lag het huis Den Cleynen Ancker, eigendom van bakker Lenaert Vander Heyndonc, dat eveneens op dezelfde dag door Adriaen Smit aan hem was verkocht. Achter het huis grensde de tuin aan een perceel dat Adriaen Smit zelf in eigendom hield. De onderlinge grenzen waren vastgesteld zoals zij ter plaatse waren opgemeten en overeengekomen.

De Meir in Antwerpen in het jaar 1560
[Afbeelding: stadsarchief Antwerpen, Felix Archief]

Op het huis rustten verschillende erfelijke lasten en cijnzen. Jaarlijks moest onder meer worden betaald aan het godshuis van Sint-Michiel, aan de erfgenamen van Heinrick van Halmale en aan de weduwe van Raes van Bosbeke. Daarnaast bestond een lijfrente ten behoeve van de kinderen van Andries Mathijsszoon. Ghijsbrecht Heystec verklaarde deze lasten voortaan volledig op zich te nemen en ze uitsluitend uit het huis Den Grooten Anker te voldoen. Daardoor zouden Den Cleynen Ancker en andere goederen die eerder mede voor deze verplichtingen verbonden waren, hiervan worden bevrijd.

Wel bleef Den Grooten Anker medeaansprakelijk voor twee bestaande verplichtingen: een erfelijke rente van dertig schellingen ten gunste van Jacob Smit, broer van Adriaen Smit, waarvoor ook De Duive aansprakelijk was, en een lijfrente van vijftien schellingen ten behoeve van de echtgenote van Jan Beys, waarvoor ook Den Cleynen Ancker verbonden bleef.

Vervolgens werden uitvoerige afspraken vastgelegd over de gemeenschappelijke voorzieningen van de drie aangrenzende huizen: De Duive, Den Grooten Anker en Den Cleynen Ancker. Alle regen- en afvalwater van de drie huizen, de achterkamers en de gezamenlijke waterput moest via de bestaande doorgang achter de huizen kunnen blijven afvloeien. De eigenaren waren verplicht deze afwatering in stand te houden.

Voor de goten golden nauwkeurige afspraken. De goot tussen De Duive en Den Grooten Anker moest door beide eigenaren gezamenlijk worden onderhouden, waarbij ieder de helft van de kosten droeg. Hetzelfde gold voor de nieuwe goot tussen Den Grooten Anker en Den Cleynen Ancker. Indien op een later tijdstip achter op het erf van Den Cleynen Ancker zou worden gebouwd, moest opnieuw een degelijke goot worden aangebracht, waarvan beide eigenaren ieder de helft van de aanleg- en onderhoudskosten betaalden.

Een bestaande overbouw of uitbouw van Den Cleynen Ancker die boven Den Grooten Anker uitstak, moest worden verwijderd. Daarna diende Den Grooten Anker op eigen kosten een nieuwe goot aan te brengen en te onderhouden, zonder enige financiële bijdrage van de eigenaar van Den Cleynen Ancker.

Verder werd bepaald dat Den Cleynen Ancker niet verhoogd mocht worden wanneer daardoor het daglicht voor Den Grooten Anker zou worden weggenomen. Daarmee werd het recht op voldoende licht voor de eigenaar van Den Grooten Anker uitdrukkelijk beschermd.

De gezamenlijke waterput bleef eveneens gemeenschappelijk bezit. De putstijl moest blijven staan op het erf van Den Cleynen Ancker, waar deze zich al bevond. De kosten van onderhoud aan zowel de putstijl als de waterput werden gelijk verdeeld over de drie huizen: De Duive, Den Grooten Anker en Den Cleynen Ancker, zodat ieder een derde deel van de kosten betaalde.

De akte werd gesloten met de gebruikelijke verklaring dat alles zonder bedrog of verborgen voorbehoud was overeengekomen.

Historische betekenis

Dankzij deze koopakte weten we nu meer over de persoon van Ghijsbrecht Heystec en laat zien dat hij eigenaar werd van een aanzienlijk huis in de Antwerpse wijk De Meer. De zeer uitgebreide beschrijving van de eigendom, de waterafvoer, de gedeelde waterput en de onderlinge rechten tussen de buren laat zien dat het om een waardevol stedelijk pand ging.

Helaas heeft het geen aanknopingspunten waaruit kan worden openmaakt dat hij een voorvader is van stamvader Lodewijk Heijstek. Zo blijkt dat er nog veel research werk zal moet worden gedaan.

***